Glossary
Beroepskruiden
Beroepskruiden, ook wel beschermende kruiden genoemd, zijn planten uit het oude volksgeloof die werden gebruikt tegen zogenaamde ‘beroepsziekten’. Hiermee werden klachten bedoeld die niet op natuurlijke wijze konden worden verklaard, maar werden toegeschreven aan betoveringen, kwade woorden of tovenarij.
De term is niet afgeleid van het huidige woord „beroep“, maar van oude uitdrukkingen als „berufen“ of „beschreien“, in de betekenis van betoveren of bezweren. In de volksgeneeskunde werden deze kruiden gebruikt voor wasbeurten, baden, wierookrituelen of kleine rituelen om schadelijke invloeden af te weren.
Tot de typische kruiden behoren naast de fijnstraal (Erigeron spp.) ook het walstroleeuwenbek (Linaria vulgaris), het boerenwormkruid (Tanacetum vulgare), wilde Bertram (Achillea ptarmica), wondklaver (Anthyllis vulneraria), rechtopstaande ziest (Stachys recta), Chrisstoffelkruid (Actaea spicata), kruiskruid (Senecio vulgaris) en hyssopbladige bergijzerkruid (Teucrium hyssopifolium).
Tegenwoordig zijn beroepskruiden vooral interessant voor etnobotanische en historische tuinen. Ze vormen een combinatie van volksgeneeskunde, bijgeloof en plantenkennis en passen goed in geneeskrachtige plantentuinen, boerentuinen of thematische perken met een cultuurhistorische verwijzing.